Zoekmotor  



Zoeken van A tot Z
Siteplan
U bevindt zich hier: FAVV > Beroepssectoren > Dierlijke productie > Dierengezondheid > Atypische myopathie bij paarden DE   •   FR   •   NL   •   EN  

Startpagina Over het FAVV Contact Beroepssectoren Autocontrole Checklists "Inspecties" Dierlijke productie Erkenningen, toelatingen en registratie Export naar derde landen Financiering van het FAVV Invoer derde landen Laboratoria Levensmiddelen Meldingsplicht Ombudsdienst voor de operatoren Plantaardige productie Wetgeving Zelfstandige dierenartsen Consumenten Raadgevend Comité Wetenschappelijk Comité Publicaties Praktisch

 
 
   
Atypische myopathie bij paarden

 

Sinds de 80er jaren werden vele gevallen van atypische myopathie bij paarden beschreven in meerdere Europese landen (Verenigd Koninkrijk, Zwitserland, Duitsland, Frankrijk en België).
Sinds 2000 werden in België meer dan 200 gevallen doorgestuurd naar de Faculteit Diergeneeskunde in Luik. De meeste van de betrokken paarden stonden in weiden in het Waalse Gewest.

Deze ziekte wordt ook atypische myoglobinurie bij paarden met weidegang genoemd. De oorsprong is nog onbekend. Het innemen of aanmaken van toxinen (mycotoxinen, fycotoxinen of bacteriële toxinen) lijkt als oorzaak het meest waarschijnlijk.

Gevallen van deze ziekte worden vaak vastgesteld in de herfst en in de lente, perioden waarin een daling van de temperatuur en de vochtigheid wordt vastgesteld.

Aangezien de oorzaak van de ziekte onbekend is, is er geen profylaxe mogelijk. Er wordt echter aangeraden de paarden onder te brengen in weiden met voldoende gras in de herfst, dode bladeren weg te halen en de toegang tot vochtige plaatsen te beletten tijdens de risicoperiodes. Als de hierboven vermelde symptomen worden vastgesteld bij paarden die in de weide staan, moet sterk aan atypische myopathie worden gedacht. Er moet dan een dierenarts worden geroepen en de gezonde paarden die zich in dezelfde weide bevinden moeten opgestald worden.
De behandeling van de besmette dieren is beperkt tot een symptoombehandeling : geregeld de blaas leegmaken, toedienen van ontstekingsremmers, DMSO, toepassen van een vloeistoftherapie, …

De ziekte treft alle paardenrassen. De symptomen treden plots op. Men stelt spierzwakte vast (de paarden liggen neer op hun zijde), de paarden kunnen moeilijk rechtop gaan of blijven staan en zich verplaatsen. De dieren scheiden vaak donker gekleurde urine uit, hebben stijve spieren, rood mondslijmvlies, spiertrekkingen, tachycardie en ademhalingsproblemen en zweten overmatig. Soms stelt men ook tekenen vast die wijzen op kolieken en hypothermie (< 36°C). De paarden zijn gedeprimeerd maar willen wel nog blijven eten.
De sterfte ligt hoog (90 %) en vaak moet euthanasie worden toegepast vanwege de ernst van de symptomen. Soms worden paarden dood aangetroffen in de weide.

Tijdens het bloedonderzoek stelt men een aanzienlijke verhoging van het gehalte aan creatinine kinase (CK), aspartaat aminotransferase (AST) en lactaat deshydrogenase (LDH) vast. Men kan ook een daling van de arteriële zuurstofdruk en geïoniseerde Ca vaststellen.
Bij biopsie op het spierweefsel van de posturale spieren en de ademhalingsspieren wordt een multifocale spierdegeneratie aangetroffen.


Bijkomende informatie

 

 

Laastste update: 04.09.2009




Gebruiksvoorwaarden & disclaimer    |   Copyright © 2012 FAVV-AFSCA. Alle rechten voorbehouden.