Deze bladzijde weergeven in het : Frans Nederlands

Zoekmotor  



Zoeken van A tot Z
Siteplan
 
Startpagina > Beroepssectoren > Dierlijke productie > Dieren > Dierengezondheid > Mond- en klauwzeer
Startpagina Over het FAVV Contact Beroepssectoren Autocontrole Checklists "Inspecties" Dierlijke productie Erkenningen, toelatingen en registratie Export naar derde landen Financiering van het FAVV Invoer derde landen Laboratoria Levensmiddelen Meldingsplicht Ombudsdienst voor de operatoren Plantaardige productie Voorlichtingscel Wetgeving Zelfstandige dierenartsen Consumenten Raadgevend Comité Wetenschappelijk Comité Publicaties Praktisch

 
 

Mond- en klauwzeer



   

Actueel

Over de ziekte


Preventie- en bestrijdingsmaatregelen


Wetgeving


Situatie in België en in het buitenland


Veelgestelde vragen (DOC)

 

Biociden

Toegelaten desinfectanten



Naar boven




Actueel

Bulgarije heeft sinds 5 januari 2011 af te rekenen met uitbraken van mond- en klauwzeer. In het zuidoosten van het land langs de Turkse grens zijn terug nieuwe haarden opgedoken . Daarom is het noodzakelijk om waakzaam te blijven en om de beschermende maatregelen tegen mond- en klauwzeer te handhaven.

De afgelopen maanden is er tussen België en de getroffen Bulgaarse provincie geen handelsverkeer geweest in gevoelige dieren of van gevoelige dieren afkomstige producten .

Toch blijft voorzichtigheid geboden. Het FAVV heeft daarom zijn waakzaamheid verhoogd voor alle uit Bulgarije afkomstig professioneel transport. Verder wil het FAVV de bevolking attent maken op het volgende :

  • elke eigenaar van een professioneel of persoonlijk voertuig, dat werd gebruikt om gevoelige dieren naar Bulgarije te vervoeren of dat op een Bulgaars bedrijf is geweest waar gevoelige dieren worden gehouden, wordt verzocht dat voertuig te reinigen en te ontsmetten voordat het naar België terugkeert,
  • al wie in Bulgarije in contact is gekomen met gevoelige dieren mag in de eerste 72 uur na zijn terugkeer geen Belgisch bedrijf betreden waar gevoelige dieren worden gehouden,
  • de twee hierboven vermelde voorschriften gelden ook voor jagers die terugkeren van in Bulgarije georganiseerde jachtpartijen.

Persbericht (PDF)



Naar boven


Over de ziekte

Oorsprong

Mond- en klauwzeer is een virusziekte die wordt veroorzaakt door een aftovirus van de familie van de picornaviridae. Tweehoevigen – zowel gedomesticeerde als in het wild levende, uitgezonderd de kameelachtigen – zijn er erg gevoelig voor. Ook olifanten en egels en in mindere mate zelfs tapirs en beren kunnen besmet raken.

Mond- en klauwzeer, dat zeer besmettelijk is, heeft een zeer grote economische impact. Dat feit vormt een rechtvaardiging voor het beleid dat nationaal en internationaal wordt gevoerd met betrekking tot deze ziekte.

 

Klinische symptomen

Mond- en klauwzeer wordt gekenmerkt door koorts en het verschijnen van aften en blaasjes, vooral in de mond (tong, tandvlees, lippen) en op de poten (interdigitale ruimte en kroonrand). Bij het openbarsten van de aften kunnen zweren ontstaan.

De belangrijkste klinische tekenen die algemeen worden vastgesteld en die samenhangen met de aanwezigheid van die aften en zweren : speekselvloed, tandenknarsen, verminderde eetlust, hinken, weigeren om zich te verplaatsen, …. Al naargelang van de betrokken soort kunnen die ziektetekens in mindere of meerdere mate belangrijk zijn : runderen vertonen meestal een duidelijk ziektebeeld terwijl schapen en geiten minder duidelijke letsels vertonen en de ziekte onopgemerkt kan blijven.

 

Overdracht

Het mond- en klauwzeervirus is een uiterst besmettelijk virus.

Besmette dieren scheiden het virus uit in vocht dat uit de aften komt en in speeksel, melk, sperma, urine, feces en uitgeademde lucht. Die uitscheiding kan al naargelang van de weg waarlangs ze geschiedt, zelfs al beginnen voordat er klinische symptomen verschijnen. Het virus kan ook worden aangetroffen in vlees van besmette dieren dat te snel na het slachten werd ingevroren.

Het mond- en klauwzeervirus is erg resistent en kan lange tijd in het buitenmilieu overleven. De virusbronnen zijn erg verscheiden :

  • direct contact met zieke dieren,
  • contact met dragers waarvan men niet weet dat ze drager zijn. Het kan zowel gaan om dieren (dragers in een vroeg stadium, herstellende dieren of gezonde dragers) als om personen of voorwerpen (materieel van dierenartsen, voertuigen,…),
  • contact  met besmette stoffen zoals mest, voeder, slecht klaargemaakte vaccins, …
  • contact met besmette dierlijke producten (melk, vlees, sperma),
  • blootstelling aan aërosols met virusdeeltjes ; het virus kan zich enkele kilometers ver verspreiden.

 

Behandeling

Er bestaat geen specifieke behandeling voor mond- en klauwzeer. Volwassen dieren genezen gewoonlijk maar de genezing gaat wel gepaard met een daling van de productie. Sommige dieren kunnen dragers van het virus worden en het gedurende een lange tijd verspreiden. Jonge dieren zijn gevoeliger voor het ontwikkelen van myocarditis, vaak met dodelijke afloop.



Naar boven


Preventie- en bestrijdingsmaatregelen

Preventie

Vroeger werden met het oog op preventie vaccins tegen mond- en klauwzeer gebruikt. Die, vrij dure, vaccinatie moest elk jaar worden herhaald en kon geen bescherming garanderen tegen alle bestaande serotypes. Sinds 1991 is preventieve vaccinatie niet langer toegestaan in de Europese Unie. Zo verkreeg de Europese Unie de status  “ziektevrij zonder vaccinatie”, een status die de haar toegang verschaft tot de grote exportmarkten.

Thans bestaat de preventie uit het op degelijke wijze toepassen van een aantal algemene maatregelen :

  • in de bedrijven met gevoelige dieren :
  • bezoekers onderwerpen aan specifieke maatregelen op het vlak van hygiëne en ontsmetting wanneer het bedrijf wordt betreden en verlaten,
  • toegang is beperkt tot personen die in de 72 uur voordien niet zijn teruggekeerd uit een land waar beperkende maatregelen gelden in verband met mond- en klauwzeer,
  • in verband met het vervoer van dieren :
  • alle vervoermiddelen moeten na elk vervoer van tweehoevige dieren worden gereinigd en ontsmet,
  • ingeval van vervoer vanuit een land waar beperkende maatregelen gelden in verband met mond- en klauwzeer, moet het vervoermiddel worden gereinigd en ontsmet voordat het de risicozone verlaat ; bij transport van varkens wordt nogmaals gereinigd en ontsmet bij aankomst in België, onder toezicht van een medewerker van het FAVV,
  • voor van buiten de Europese Unie komende reizigers
    • invoer van levensmiddelen of dierlijke producten is verboden,
    • binnenbrengen van bepaalde vlees- of melkproducten is toegestaan mits de strenge voorwaarden worden nageleefd die zijn vastgelegd in Beschikking 2002/95/EG.

 

Bestrijding

Wanneer zich desondanks toch een uitbraak voordoet in België, dan zijn er meerdere bestrijdingsmaatregelen ter beschikking om verspreiding van het virus tegen te gaan. Die maatregelen behelzen onder meer het volgende :

  • afkondigen van een standstill die tot 72 uur kan duren, dat wil zeggen een periode tijdens welke alle verkeer van risicodieren of –producten (zoals melk) verboden is;
  • afbakening van verschillende zones (1 km, 3 km en 10 km) rondom de vastgestelde uitbraken;
  • opruimen van de uitbraken, of – als dat nodig zou blijken  - zelfs van de bedrijven die binnen een bepaalde afstand van de uitbraken gelegen zijn;
  • beperkingen op het vlak van het vervoer;
  • verbod op verzamelingen van dieren;
  • noodvaccinatie binnen een beperkte straal en onder strikte voorwaarden;
  • meer beperkende bioveiligheidsmaatregelen;
  • verhoogd(e) toezicht/monitoring.


Naar boven


Wetgeving

Mond- en klauwzeer is een besmettelijke ziekte die verplicht moet worden aangegeven. Elk vermoeden moet onmiddellijk worden gemeld aan de provinciale controle-eenheid van het FAVV.

Belgische wetgeving

 

Koninklijk besluit van 10 oktober 2005 betreffende de bestrijding van mond- en klauwzeer.

Ministerieel besluit van 22 april 2002 houdende tijdelijke maatregelen ter bestrijding van mond- en klauwzeer.

Ministerieel besluit van 22 januari 2007 houdende tijdelijke maatregelen ter voorkoming van epizoötische ziekten van varkens.

 

Europese wetgeving

Richtlijn 2003/85/EG van de Commissie tot vaststelling van communautaire maatregelen voor de bestrijding van mond- en klauwzeer en tot wijziging van Richtlijn 92/46/EEG.



Naar boven


Situatie in België en in het buitenland

Situatie in België

België is vrij van mond- en klauwzeer. Het laatste geval dat op ons grondgebied werd vastgesteld dateert uit de jaren 1970.

 

Situatie in het  buitenland

 

In Europa

Europa wordt beschouwd als vrij van mond- en klauwzeer. Dat verhindert echter niet dat zich af en toe uitbraken met mond- en klauwzeer voordoen.

Hoewel de insleep van het virus in Europa vaak samenhangt met de internationale handel vanuit gebieden waar mond- en klauwzeer voorkomt, ongeacht of dat gebeurt door het binnenbrengen van zieke dieren of van producten die afkomstig zijn van zieke dieren, is bij de jongste episodes in Europa gebleken dat de oorsprong van een epidemie zeer verschillend kan zijn.

  • In 2001 begon een epidemie van mond- en klauwzeer in Engeland, verspreidde zich over het hele Verenigd Koninkrijk en trof dan ook Frankrijk en Nederland : in totaal werden meer dan 2000 uitbraken vastgesteld. Die epidemie begon nadat keukenafval van een schip werd gebruikt als veevoer.
  • In 2007 werd Engeland geconfronteerd met een aantal uitbraken van mond- en klauwzeer nadat het virus was “ontsnapt” uit een laboratorium en vervolgens verspreid was via de auto’s van het personeel van het laboratorium.
  • In 2011 werd Bulgarije geconfronteerd met een aantal uitbraken van mond- en klauwzeer, vlak bij de grens met Turkije. Een van de mogelijke verklaringen voor de besmetting gaat ervan uit dat het virus kan zijn binnengebracht door Turkse everzwijnen die in contact zijn gekomen met Bulgaars vee. De ziekte is in Turkije endemisch en de barrière, die verondersteld wordt te beletten dat in het wild levende dieren de grens oversteken, is op sommige plaatsen in slechte staat.

 

Buiten Europa

 

De Verenigde Staten en Australië worden beschouwd als vrij van mond- en klauwzeer.

Zuid-Amerika en Midden-Amerika beheersen de ziekte door middel van vaccinatie.

Sinds eind november 2010 wordt Korea geconfronteerd met een nooit eerder geziene epidemie van mond- en klauwzeer. Om verspreiding van het virus te beperken werden diverse maatregelen getroffen : bijna een miljoen runderen en varkens werden geslacht en anderhalf miljoen runderen en varkens werden gevaccineerd. De vaccinatie wordt voortgezet en tot 50 % van de veestapel zou gevaccineerd kunnen worden. België stelde trouwens 800.000 dosissen die werden aangemaakt uit de voorraad antistoffen ter beschikking van de Koreaanse autoriteiten om die massavaccinatie mogelijk te maken (link naar persbericht).

Japan wordt dan weer sinds april 2010 opnieuw met mond- en klauwzeer geconfronteerd nadat het virus bijna 10 jaar afwezig was geweest. Er wordt geen gebruik gemaakt van vaccinatie om de epidemie te bestrijden.

Onze opdracht is te waken over de veiligheid in de voedselketen en de kwaliteit van ons voedsel, ter bescherming van de gezondheid van mens, dier en plant.

Afdrukbare versie   |   Laatst bijgewerkt op 14.05.2012   |   Naar boven


Gebruiksvoorwaarden & disclaimer   |   Copyright © 2012 FAVV-AFSCA. Alle rechten voorbehouden   |   Extranet